06 mei


Gods woord noemt de Heer Jezus Christus: “De Geliefde”. Éfeze 1:6: “Hij heeft ons begenadigd in de Geliefde”. Mattheüs 3:17: “Deze is Mijn Zoon, mijn Geliefde, in Denwelken Ik Mijn welbehagen heb”. Toen de Heer op de berg der verheerlijking was, heeft God het nogmaals gezegd: “Deze is Mijn Zoon, in Denwelken Ik Mijn welbehagen heb; hoort Hem!” (Matthéüs 17:5, 2 Petrus 1:17). God is de Liefde Zelve, het is Zijn wezen. Jezus Christus Zijn Zoon is de afdruk van Zijn wezen (Hebreeën 1:3 NBG).
Christus is ook Zelf de Liefde. Het wezen van deze onuitsprekelijke liefde is met ons verstand niet te doorgronden. We kunnen het alleen in geloof en met aanbidding aanvaarden. Het was de wonderbare wisselwerking van de liefde van God de Vader en van God de Zoon, Die het geweldige en grootse plan der verlossing heeft uitgedacht en verwezenlijkt. De heilige, rechtvaardige God gaf Zichzelf in Zijn geliefde Zoon.
Jezus Christus, de Zoon, heeft gezegd: “Zie, Ik kom, om Uw wil te doen” (Hebreeën 10:7). Hij volbracht Gods wil in volmaakte gehoorzaamheid. Zo werd Goddelijke liefde ten volle openbaar.

Het grote mysterie is dat de openbaring van deze ondoorgrondelijke, onovertrefbare liefde van God de Vader en God de Zoon, tevens was de hoogste openbaring van Goddelijke Gerechtigheid. God heeft ons begenadigd in de Geliefde. Welk een wonder van genade en van liefde. Wij, eens verloren in zonde en dood, machteloos gebonden, nu vrij en begenadigd in de Geliefde! Opgenomen in deze Goddelijke liefde voor eeuwig!
Ja, wij zijn nu Zijn GELIEFDE kinderen en mogen rondwandelen in Zijn liefde. In deze wonderbare liefde waarmede Christus ons heeft liefgehad, toen Hij Zich voor ons heeft overgegeven als een offerande en slachtoffer, Gode tot een Welriekende reuk (Éfeze 5:1).

Lezen: 2 Petrus 1:16-18