21 augustus


1 Petrus 2:9
Maar gij zijt een uitverkoren geslacht, een koninklijk priesterdom, een heilig volk, een verkregen volk; opdat gij zoudt verkondigen de deugden Desgenen, Die u uit de duisternis geroepen heeft tot Zijn wonderbaar licht. 

De Gemeente, een priesterlijk volk? Gisteren hebben we het gehad over Christus als onze Hogepriester en Middelaar van het Nieuwe Verbond. Als Hij onze Hogepriester is, dan zijn wij een volk van priesters. Zo was het ook in het Oude testament. Lees maar onder andere in Exodus 28:1: “Daarna zult gij uw broeder Aäron, en zijn zonen met hem, tot u doen naderen uit het midden der kinderen Israëls, om Mij het priesterambt te bedienen…” Israël had als volk een priesterlijke functie. Wat wil dat nu precies zeggen? Wel, Israël was het eerste volk dat het Woord van God had ontvangen. Daardoor waren zij ook verantwoordelijk om het Woord te prediken aan alle andere volkeren! Maar door het ongeloof van Israël is deze priesterfunctie tijdelijk van hen weggenomen. Het Woord prediken is dus een priesterlijke taak!

Romeinen 3:2 
Vele in alle manier; want dit is wel het eerste, dat hun de Woorden Gods zijn toebetrouwd.

Lees Exodus 19:6.

Hosea 4:6
Mijn volk is uitgeroeid, omdat het zonder kennis is; dewijl gij de kennis verworpen hebt, heb Ik u ook verworpen, dat gij Mij het priesterambt niet zult bedienen. 

Wat nu, zou dan het werk van God geen doorgang vinden door het ongeloof van Israël? Ja natuurlijk wel, het werk gaat wel door, alleen niet via Israël. Het werk dat God nu doet sinds de opstanding van Christus, gaat via Christus en de Gemeente. De Gemeente is nu verantwoordelijk voor het bewaren en prediken van het Woord van God. Daarom is Hij onze Hogepriester, om ons bekwaam te maken om priesters te zijn onder het nieuwe Verbond. Openbaring 1:6: “En Die ons gemaakt heeft tot koningen en priesters Gode en Zijn Vader; Hem, zeg ik, zij de heerlijkheid en de kracht in alle eeuwigheid.” Amen.